TijgermoederTend & Befriend


Donderdagmiddag zeven jaar geleden, locatie AMC. Mijn dochter van 15 jaar, mijn man en ik zitten in de spreekkamer van de kinderarts. Er worden vragen gesteld en lijsten ingevuld.

Aan het eind van het anderhalf uur durende gesprek, hoor ik de arts onheilspellende woorden uitspreken: “Je hebt anorexia en dat is een hele ernstige ziekte”. Direct was de tijgermoeder in mij wakker. Ik zou dit oplossen, linksom, rechtsom, ik zag nog maar één missie: Mijn dochter redden van deze ziekte.

Vanaf die middag zorgde ik dat ik zoveel mogelijk bij mijn dochter in de buurt was, bracht haar overal naartoe en belde en mailde iedereen die ons mogelijk zou kunnen helpen. Geen behandeling was te ver, geen autorit teveel, om het leed van mijn dochter te verlichten. Ik ging niet meer naar ons wekelijks café momentje met de buurt, nodigde geen vrienden meer uit voor het eten en sprak alleen met vrienden af, als ik wist dat een van de zusjes thuis was. Mensen uit mijn omgeving vonden er iets van, zonder dat ze dit hardop uitspraken. Ik was me bewust van wat ik deed en zag geen andere mogelijkheid. In het begin stond mijn leven zo op zijn kop, dat ik zelfs mijn dagelijkse heilzame routines losliet, zoals fietsen naar mijn werk, wandelen met een vriendin, pilateslessen en mediteren.

In het boek ‘Compassie in je leven’ beschrijven Frits Koster & Erik van den Brink deze reactie als volgt.

[Tegenwoordig onderscheiden wetenschappers nog een vierde instinctieve stressreactie vanuit het gevaar systeem, naast vechten, vluchten en verstarren. Ook deze reactie komt voort uit het gevaarsysteem, maar is meer verbonden met het oude zoogdierenbrein, dan met het reptielenbrein. Deze reactie wordt tend & befriend genoemd: de instinctieve drang om te (ver)zorgen en vriendschap te sluiten bij mogelijk gevaar*. Kenmerkend is een beschermende, zorgzame houding naar nakomelingen en kwetsbare anderen (tend) en het zoeken naar vriendschap of bondgenootschap (befriend)

De instinctieve kracht van tend & befriend is zo sterk, dat stewardessen bij het geven van de veiligheidsinstructies in vliegtuigen altijd uitdrukkelijk waarschuwen om als ouder van een kind niet eerst het zuurstofmasker bij je kind om te doen, maar juist eerst bij jezelf. Deze waarschuwing laat zien dat we instinctief geneigd zijn om in noodsituaties direct te gaan zorgen voor een ander.

De tend & befriend -reactie zit in alle mensen, als een instinctieve ‘korte route’ naar compassie vanuit het gevaarsysteem. Het gaat gepaard met het vrijkomen van oxytocine, dat een rol speelt in sociale verbindingen. Hoewel tend & befriend een minder primitieve stressreactie is dan vechten, vluchten en verstarren, kan deze het ons ook lastig maken door het nieuwe brein te beïnvloeden. Een voorbeeld is het ‘hulpverleners syndroom’, waarbij we onszelf helemaal wegcijferen en opofferen om anderen maar van dienst te kunnen zijn, wat tot ernstige burn-outklachten kan leiden.

*Taylor, S (2006)Tend & befriend: Biobehavioral bases of affiliation under stress. Current Directions in Psychological Science]


Toen ik er na een half jaar achter kwam dat dit geen sprintwedstrijd was, maar een marathon, begreep ik dat er iets moest gebeuren. Ik moest dat zuurstofmasker bij mijzelf gaan opzetten, anders zou ik de eindstreep niet ongeschonden halen.

Ik begon mijn meditatie beoefening weer op te pakken. Eerst gewoon zitten in aandacht en later leerde ik hoe ik emoties ruimte kon geven binnen mijn meditaties.

Hierdoor merkte ik dat ik ook tijdens de dag, op moeilijke momenten bewust stil kon staan bij wat ik ervaarde. Dit zorgde voor stressreductie. Ik begon ook in te zien dat de relatie met mijn man aandacht nodig had en begon weer af en toe mee te gaan naar onze café momentjes en feestjes.

In de jaren die volgden begon deze tijgermoeder steeds meer te investeren in haar eigen welbevinden. Ik voelde me schuldig als ik me opmaakte om lekker uit te gaan, terwijl mijn zieke kind op de bank zat. In mijn meditatie beoefening leerde ik mijzelf om te dealen met dit gevoel van pijn, schuld en verdriet.

En al doende leerde ik, dat zorgen als een tijgermoeder voor haar én zorgen als een tijgermoeder voor mezelf hand in hand konden gaan.

Er kwamen steeds meer tools die ik vanuit mijn werk kon inzetten in mijn leven en dat maakte dat ik het gevoel had dat ik het dragen kon. Ik voelde mijn schouders sterker en sterker worden. Alleen doordat ik pijn en verdriet echt durfde te omarmen in mijzelf, er niet bang voor was en er vertrouwd mee raakte, kon ik ook het verdriet en de angst van mijn dochter aankijken, zonder dit te willen wegnemen. Ik kon accepteren dat de situatie was zoals die was en accepteren dat dit proces tijd nodig had. Ik leerde inzien dat er maar één persoon was die zichzelf kon redden en dat ik slechts aanwezig kon zijn en kon liefhebben.

Nu mijn dochter de eetstoornis steeds verder achter zich laat, ontstaat ruimte om mijn ervaringen en kennis te delen met andere 'ouders in zwaar weer'.